Nieuws uit Polen
25 mei 2011

‘Wij zijn Polska B’

Dit artikel verscheen in De Pers van 25 mei 2011. Een co-productie met Camil Driessen

Polen bestaat uit het moderne Polska A en het arme Polska B. De EU, waarvan Polen per 1 juli voorzitter is, pompt veel geld in Polen B. Het lijkt een bodemloze put: straks is er niemand over.‘Heren, jullie nog een stukadoor nodig eigenlijk?’ Op het houten terrasje voor de dorpswinkel rookt een oud mannetje zijn sigaret tot aan de filter op, terwijl hij nipt aan een fles Tatra-pils. Regelmatig maakt hij de reis van het dorpje Sobieszyn (in de een na armste provincie Lublin) naar Warschau op zoek naar werk. Die 150 kilometer zijn een tocht naar een andere wereld. Naar het Verre Westen waar de business booming is, de economie groeit, mooie mensen wonen en carrières worden gemaakt.

Sobieszyn is tekenend voor het verval van dat andere deel van het land: Polen B. Iedere Pool verdeelt zijn land namelijk onder in twee delen: het moderne deel A en het achtergestelde deel B. Trek een diagonale lijn door Warschau op de kaart van Polen en alles rechts van die lijn is Polen B. Ook de politieke scheidslijn loopt ruwweg langs die grens. B is blauw en stemt op de oerconservatieve nationalistische partij Recht en Rechtvaardigheid. A kleurt rood en stemt op de liberalere regeringspartij Burgerplatform.

Als je Sobieszyn binnenrijdt, lijkt er niets aan de hand. De weg van gloednieuw asfalt slingert door de glooiende groene heuvels, en velden knalgele paardenbloemen schieten voorbij. Veel huizen zien eruit alsof ze net gebouwd zijn.

Kruiwagen

Idyllisch, maar niet voor de bewoners. ‘Dit is Polen B. Vijf jaar geleden hield iedereen hier nog dieren: koeien, varkens of paarden. Nu heeft niemand dat meer’, zegt Mariola. Allemaal de schuld van de regering en EU die niet genoeg geld aan de boeren geeft om te kunnen overleven. De grote boerenbedrijven in de provincie gaan er met al het EU-subsidiegeld vandoor. ‘En de regels, die zijn verschrikkelijk’, zegt Jadzia Makuch, de eigenaresse van de dorpswinkel. Van de EU moest iedere boer de daken van zijn boerderij vervangen.

Haar zoon Marcin sjouwt voorbij met een kruiwagen. Achtentwintig jaar oud, mastertitel in boekhouden en een van de weinige jongeren in het dorp. Met zijn vrouw woont hij bij zijn schoonmoeder. ‘Al mijn vrienden zijn naar Warschau of het buitenland vertrokken.’ Hij vertelt dat het dorp in tien jaar tijd van 800 naar 400 inwoners kromp. Over de EU is hij minder sceptisch dan zijn moeder. ‘Ze hebben hier toch de weg mooi gemaakt en een speeltuin voor de kinderen gebouwd.’ Alleen is er straks niemand meer over om van die voorzieningen gebruik te maken. ‘Er wonen hier alleen nog maar ouderen en gepensioneerden.’

Als we verder rijden, merken we dat Sobieszyn er genadig vanaf komt. Na de gemeentegrens gaat de vlakke weg over in eentje met kuilen, barsten en kapot asfalt. Huisjes en boerderijen zijn vervallen. Een boer achter de ploeg heeft de grootste moeite de draf van zijn paard bij te houden.

Het riviertje langs de dorpen Blizocin I en Blizocin II staat hoog. Onlangs waren er nog flinke overstromingen. ‘Een maand geleden hadden jullie hier met jullie mooie schoentjes niet kunnen staan, heren’, bijt een assertief omaatje in bloemetjestenue ons toe. Ze leunt tegen haar hek waarop een bordje zit met Zly Pies(gevaarlijke hond). Het kleine beestje kwispelt. De kikkers aan de poel kwaken. ‘Hij is heel gevaarlijk’, zegt ze met een twinkeling in haar ogen. Tegen de vervallen schuur achter haar leunt een verroeste zeis.

Een halve kilometer verderop zit ?Wieszek Wieslowolski met zijn vrouw in de zon in de tuin voor het gele minuscule houten huisje van zijn vader. Korte broek, slippers met sokken, strak hemd aan en tuinschaar in de hand. Hij barst geëmotioneerd in woede uit als we hem vragen naar de overstromingen. ‘Dit is nu het derde jaar op rij. De weg is weggespoeld. Ieder jaar komen er cameraploegen, maar daarna verandert er niks.‘

Put

Op het gebouw tegenover zijn gare gele huisje, aan de overkant van de weg, hangt een plakkaat van de EU en gemeente waarop staat aangekondigd dat er afvoer en riolering worden aangelegd. Kosten: 5.059.625 zloty (zo’n 1,3 miljoen euro). De EU betaalt 61 procent ervan.

‘Ik vertrouw het niet’, zegt Wieslowolski hard. ‘Het geld verdwijnt alleen maar in de zakken van die boeven in Warschau en naar het westen van het land. Wij zijn Polska B.’

Twee jaar geleden werd eindelijk een waterleiding aangelegd in Blizocin I, dus zal de riolering vast ook gemaakt worden toch? Wieslowolski en zijn vrouw zijn er niet van onder de indruk. ‘Stromend water?!’ briest hij. ’Daarvoor hadden we toch ook al water, het kwam alleen uit een put!’

Hoort bij: Uncategorized — Michiel @ 8:06 am

Comments are closed.